Vanaf het laatste decennium van de zestiende eeuw zou de lokale adel zich verenigen in wat later ambtsjonkercolleges werden genoemd. In de loop van de zeventiende eeuw werden zij het lokale gezag. Een lid van de Veluwse adel kon zowel participeren in de Ridderschap als in een ambtsjonkercollege. Zij die militair waren of niet de heersende gereformeerde religie aanhingen, hadden geen toegang tot de ridderschap. Wel kwamen zij in aanmerking voor admissie in een ambtsjonkercollege.
In dit document is per schoutambt een lijst opgesteld van de Veluwse ambtsjonkers die daar deel van uitmaakten.